De rol van leptine

De rol van leptine

De vorige keer vertelde ik over het ingewikkelde samenspel van hormonen die het honger- en verzadigingsgevoel in ons lichaam aansturen. Dit keer iets meer over leptine. Er is een hoop onzin te vinden op het internet over hoe je het leptinegehalte in je lichaam kan verhogen. Een tekort aan leptine is echter zelden de oorzaak van overgewicht, in bijna alle gevallen gaat het om leptine-resistentie: de hypothalamus, een klein orgaan in de hersenen, krijgt eenvoudigweg de signalen van het leptine niet binnen. Hoe zit dit?

Leptine is de tegenhanger van insuline. Terwijl insuline zorgt voor vetopslag geeft leptine een seintje dat er voldoende vet is opgeslagen. Hierdoor vermindert de eetlust en stop je met eten.

Een gezond en slank persoon heeft een goede energiebalans doordat het lichaam goed reageert op leptine. Je eet genoeg maar niet teveel, je verbranding gaat in het juiste tempo en je hebt energie over om te bewegen. Reageer je echter niet op leptine dan blijf je honger houden: de hersens geven de rest van het lichaam instructies om vetreserves op te bouwen omdat het lijkt of er hongersnood is. Dit is een overlevingsstrategie van het lichaam: is er geen voedsel, of de hersenen krijgen niet het signaal dat er voedsel is, dan gaat het lichaam spaarzaam om met de eventuele reserves.

Verbranden of opslaan als vet?

Voor elke calorie die het lichaam binnenkomt zijn er twee keuzemogelijkheden: gaat deze verbrand worden of gaat deze naar de opslag, als reserve-energie? Het is de insuline die uitmaakt wat er gebeurt: hoe meer insuline, hoe meer calorieën er voor vetopslag worden gebruikt. De vetcellen produceren leptine, het hormoon dat een signaal afgeeft aan de hypothalamus dat er voldoende vet is opgeslagen. Normaal gesproken moet dit leiden tot een verminderd hongergevoel waardoor je stopt met eten. ‘Ziet’ de hypothalamus de leptine niet, dan gaat de vetopslag door. Je blijft honger houden en dooreten. Je wordt inactief omdat het lichaam zo min mogelijk energie wil verbruiken. De verbranding gaat omlaag omdat het lichaam in de spaarstand staat. Je hebt vetreserves genoeg maar je lichaam kan er niet bij. Gevolg: je wordt steeds dikker. Zolang de hersens hongersignalen blijven waarnemen blijft het lichaam proberen om de vetopslag te vergroten door veel insuline te produceren.

Is hier een oplossing voor? Jawel: zorg dat je minder voedsel eet dat de insulineproductie op gang brengt. Vermijd toegevoegde suikers, eet minder koolhydraten en kies voor natuurlijke vetten. Onthoud hierbij: Er is geen enkel deugdelijk onderzoek dat een verband aantoont tussen verzadigd vet in de voeding en de kans op hart- en vaatziekten. Het aantal mensen met overgewicht en diabetes type 2 is toe gaan nemen toen we verzadigd vet zijn gaan vermijden. Dit heeft ertoe geleid dat we veel te veel koolhydraten zijn gaan eten. Probeer eens een tijdje LCHF, je zal zien dat je insuline- en leptinegevoeligheid toeneemt. Je valt af, krijgt meer energie om te bewegen en een dreigende diabetes type 2 kan omgekeerd worden.

Bronnen

  1. R.Lustig, Fat Chance (New York, 2010)
  2. Rudolph L. Leibel, The Role of Leptin in the Control of Body Weight
  3. Geen enkel deugdelijk onderzoek dat het verband tussen verzadigd vet en hart- en vaatziekten aantoont (1): What if bad fat isn’t so bad?
  4. Geen enkel deugdelijk onderzoek dat het verband tussen verzadigd vet en hart- en vaatziekten aantoont (2):Association of Dietary, Circulating, and Supplement Fatty Acids With Coronary Risk: A Systematic Review and Meta-analysis.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *